vrijdag 26 september 2025

Juan Matus (Carlos Castaneda) DRIE: UNIVERSUM, ADELAAR, EMANATIES

 DRIE

Het universum, de Adelaar en zijn emanaties

Zieners zien dat het universum, met alles erin, bestaat uit een weefwerk van lichtuitstralende draden. Deze lichtuitstralende draden kunnen ze in navolging van de Tolteken de emanaties van de Adelaar noemen, of kortweg de emanaties. De emanaties zijn het enige echte wat er is, terwijl solide objecten waarnemingen zijn die het resultaat zijn van een beperkt gebruik van de mogelijkheden van beleving van de mens. 

De voorwaarde voor waarneming is het hebben van beleving. Beleving is, als geschenk van de Adelaar, een gegeven kenmerk van alle levende wezens. Het proces dat leidt tot waarneming is afstemming en het werktuig van dit proces is het verzamelpunt. Het verzamelpunt selecteert de emanaties voor afstemming en afhankelijk van welke emanaties afgestemd worden, leidt dit tot een waarneming van een emanatievorm of van een solide object.

Wat voor aanwezigheid de Adelaar is, kan ik niet definieren. Het is de onbevattelijke oer-aanwezigheid die zowel alles is wat er is, als alles voortbrengt wat er is. Iedere potentie die bestaat, ieder principe dat bestaat en iedere substantie die bestaat is de Adelaar en wordt voortgebracht door de Adelaar. De Adelaar is even echt als bijvoorbeeld tijd dit is, en ook even abstract en onbegrijpelijk. Ik voor mij zeg dat de emanaties gemaakt zijn van tijd.

De emanaties zijn de oer-materie van het universum, de primaire manifestatie van de Adelaar. Ze dragen in zich de constante eigenschappen van het universum; alle vitaliteiten, processen en vormen die bestaan, zowel van het kenbare als het onkenbare. De emanaties zijn vloeibaar, altijd in beweging, en toch onveranderlijk. De werkelijkheid van de emanaties in woorden vatten is altijd bij benadering, een ziener moet ze zien. Ik heb ze gezien en toch kan ik alleen een indruk geven van wat ze zijn. Ze zijn een aanwezigheid, bijna een massa, die een onzegbare indruk maakt. Je kunt er slechts een glimp van opvangen, zoals je ook slechts een glimp van de Adelaar kunt opvangen.

Natuurlijk komen de emanaties voort uit de Adelaar. Ondanks dat we het de Adelaar noemen is er niets visueels aan deze aanwezigheid. Het hele lichaam van een ziener voelt de Adelaar. Er is iets in ieder mens dat je met je hele lichaam kan laten getuigen; omdat de mens is samengesteld uit emanaties, hoef je alleen maar terug te keren naar je componenten. Maar het moment dat het een eenvoudig geval zou kunnen zijn van emanaties die emanaties herkennen, komt de beleving van de mens vaker wel dan niet in de verleiding om de waarneming te interpreteren binnen het bekende. Het resultaat dan is een visioen van de Adelaar en van de emanaties. Maar er is geen Adelaar, er zijn geen emanaties; wat er is is iets dat geen enkel levend wezen kan bevatten.

De benaming 'de Adelaar' komt van de Tolteken. Ze noemden dezelfde oer-aanwezigheid ook ook 'oneindigheid'. Zieners van de nieuwe cyclus waren niet geinteresseerd in een beschrijving van de oorsprong van de emanaties. Als het gaat om het onkenbare voldoet een schetsmatige aanduiding van deze aanwezigheid waaruit alles voortkomt en die alles stuurt. Iemand die de oer-aanwezigheid ziet, kan het heel goed eens zijn met de Tolteken die haar de Adelaar noemden. Je kunt echter ook de verleiding weerstaan om door mensen geformuleerde eigenschappen toe te schrijven aan wat onkenbaar en onbevattelijk is. Als ik het heb over de aanwezigheid die alles is en waaruit alles voortkomt, gebruik ik voor het gemak van het spreken ook wel de benaming de Adelaar, hoewel oneindigheid mijn voorkeur heeft.

Wat de emanaties zijn kan niet in taal worden weergegeven. Individuele zieners kunnen de drang voelen om opmerkingen te maken over bepaalde emanaties, maar dat zal individueel blijven. Er is dus geen algemene definitie van de emanaties.

Het zien van de emanaties is overweldigend. Pas na vele pogingen het onbekende in kaart te brengen en het te scheiden van het onkenbare, realiseerden zieners zich dat alles is gemaakt van emanaties. Slechts een klein deel van die emanaties ligt binnen het bereik van het menselijke vermogen om te beleven, en dat kleine deel wordt door de routines van het standaardleven nog verder gereduceerd, tot een minucuul deel. Dat minieme deel van emanaties is het bekende. Het onbekende is het kleine deel dat binnen het mogelijke bereik van de menselijke beleving ligt, en de onberekenbare rest is het onkenbare.

De enige manier om over emanaties te praten, is door ze te vergelijken met iets dat in de standaardwereld herkenbaar is. Zo kom ik ertoe om ze te typeren als lichtuitstralende draden. Wat onbegrijpelijk is voor de standaard beleving is dat de emanaties beleving kunnen hebben, dat er zoveel van hen zijn dat getallen geen betekenis hebben en dat elk van hen een eeuwigheid vertegenwoordigt.

naar TWEE (de nagual Don Juan) <

> naar VIER (levende wezens)

Labels:

0 reacties:

Een reactie posten

Aanmelden bij Reacties posten [Atom]

<< Homepage